Godsdiensten



Er zijn veel soorten godsdiensten. Blijkbaar hoort het bij de mens om een zeker ontzag te voelen voor het wonderlijke van het leven. De vroegste sporen van menselijke beschaving tonen al sporen van een religieus besef. Offers, rituelen, afbeeldingen, dansen, muziek, vormen van bidden of mediteren, min of meer heilige teksten en plekken, pelgrimages, ethische voorschriften, ze zijn in alle culturen terug te vinden.

Kijk bijvoorbeeld eens naar deze dansen uit Cambodja, die al duizenden jaren oud zijn. Het dansgezelschap is na de bloedige moordpartijen van de rode Khmer opgericht om zo de oude cultuur niet te verliezen.


Godsdienst, welbegrepen,  staat niet tegenover wetenschap (óók welbegrepen). Al zijn veel gelovigen en veel wetenschappers daar niet zo zeker van - en is dat in de geschiedenis ook vaak wel zo geweest. Wetenschap zoekt  op het spoor te komen van patronen die herhalen en zo de wetmatigheden te ontdekken die ons bestaan vormgeven en ook begrenzen. 

Godsdienst oriënteert zich op het ontzag dat door het bestaan wordt opgeroepen. Dat kan het wonder van de natuur zijn en de schoonheid van de natuurwetten. Maar ook de weerloze blik van een ander mens wiens bestaan zwijgend een beroep op ons doet. Godsdiensten zijn een bedding voor spiritualiteit.  Dat is een levenshouding die uitgaat van onderlinge verbondenheid en altijd een ethisch appèl in zich draagt. Anders is het geen spiritualiteit.


Er zijn drie grote monotheïstische godsdiensten: jodendom, christendom, islam. Monotheïstisch wil zeggen: met één God. Ook het christendom heeft maar één God, al wordt daar gesproken van een Drie-Ene God (Vader, Zoon en Heilige Geest). 

Dat is een soort manier om te zeggen: de 'ene' God staat niet tegenover 'veel': het is een eenheid-in-verscheidenheid.  


  • tora
    tora
  • bijbel
    bijbel
  • koran
    koran


Deze drie zijn zogeheten openbaringsgodsdiensten. Mozes, Jezus en Mohammed ontvingen openbaringen van de in zichzelf onkenbare God: inzichten die hun volgelingen op de weg met God brachten en die in de bijbel en de Koran terug te vinden zijn. Het christendom is voortgekomen uit het Jodendom (Jezus was een jood) en Mohammed werd geïnspireerd door het jodendom en het christendom dat hij had leren kennen. In het christendom geldt Jezus als de levende aanwezigheid van God-in-mensengedaante. Wie en hoe God is, dat kun je aan Jezus ontdekken.

Boeddhisme ontkent het bestaan van goden zoals die van christendom, islam of jodendom, al hebben de boeddha's en boddhisatva's soms wel veel van goden weg. En hindoeïsme heeft een veelheid van goden, ook al komt daar ook wel zoiets als een oppergod  (Vishnu) tevoorschijn. 

Nu is taal wel een lastige zaak: wat bedoelen we als we zeggen: God? Als het betekent: 'een hoogste macht', dan zouden we ook geld een god kunnen noemen. En dat ís geld ook voor sommigen. 

De God waar ik wat over probeer te zeggen, is geen almachtige oude man met een baard op een troon ergens in een verre hemel. De God die sporen trekt in mijn leven lijkt op Jezus. Jezus was een mens die geen macht nastreefde maar daar juist afstand van deed om zo dienaar te zijn van anderen. Diezelfde goddelijke Geest die Jezus bezielde, waait nog steeds over de aarde en ook in de harten van mensen. En soms is daar wat van te merken.

Er zijn veel verschillen tussen de godsdiensten. Ze vertegenwoordigen uiteenlopende opvattingen over hoe een mens in elkaar steekt, wat een goede manier is om samen te leven, wat onze relatie tot de werkelijkheid is en niet is.

 Het is zinnig om die verschillen te onderzoeken. Want daarin zit een mengsel van inspiratie, levenswijsheid, cultuur en niet te vergeten: economie. Waar grote verschillen in macht en rijkdom zijn, zullen er conflicten zijn, vaak in een religieus jasje.

 De mystici van de grote religies blijken het vaak heel goed met elkaar te kunnen vinden. Blijkbaar ligt er in het hart van de zaak een grondervaring die de verschillen overstijgt.

            

Aya Sofia

De Aya Sofia in Istanboel - vroeger een christelijke kerk en nu een beroemde moskee


Zelf word ik geïnspireerd door teksten van Roemi, de grote islamitische dichter en raak ik ontroerd als ik een Sema meemaak, de merkwaardige dans van de Soefi-derwishen. Ik heb veel geleerd uit teksten en verhalen van de joodse chassidiem met hun nuchtere èn extatische spiritualiteit. Wat echt mediteren is heb ik geleerd in het Shambhala-boeddhisme.

 Deze godsdienstige varianten hebben iets wat ook de pinksterbeweging, de door Afrikaanse spiritualiteit beïnvloede tak van het christendom, kenmerkt. Het zijn allemaal stromingen die de hele werkelijkheid, ook de lichamelijke en emotionele kanten ervan, willen meenemen in hun geloof. (Tegelijk zijn ze daardoor ook meer vatbaar voor excessen, problemen met leiderschap en fundamentalisme, helaas...)


Het is een hele weg, zo zeggen de mystici, voordat je het hart van je die éne werkelijkheid van binnenuit herkent. En dat is goed om te onthouden als je de neiging hebt om van het ene naar het andere te vlinderen zonder je ergens werkelijk aan toe te wijden. Of om jouw eigen weg tot de enig juiste te verklaren.
  

Op de volgende bladzijden schrijf ik wat ik zelf aan sporen van God ben tegengekomen. Niet alleen in het christendom, waar ik het meest van af weet (predikant zijnde) en waarover ook het meest op de site staat. Maar ook door mijn ervaringen onderweg met anders-gelovigen. Ik was o.a. betrokken bij dialogen met moslims en joden, volgde een training in een Tibetaans klooster en deed wat onderzoek naar het hindoeïsme in Nepal. En telkens merkte ik dat die Geest van God werkelijk waait waarheen zij wil..





Sporen van God
Kun je iets van God merken ? Misschien wel.